Jantje Brouwer herinnert zich nog goed de onbeschrijfelijke blijdschap op 5 mei 1945  -
Jantje Brouwer herinnert zich nog goed de onbeschrijfelijke blijdschap op 5 mei 1945 - Foto: Angelien Kemerink

Jantje Brouwer-Middelhof dicht: ‘Vrijheid is haast niet in woorden te vangen’

· leestijd 4 minuten 80 jaar vrijheid

Mei 1945 hebben we voor het eerst gevoeld.
Wat met het woord vrijheid wordt bedoeld.
Bevrijding waar Europa 5 jaar lang van droomde.
De ongelofelijke blijheid, die ons land doorstroomde.
Vrijheid is haast niet in woorden te vangen.
Dat gevoel van toen, blijft levenslang bij je hangen.
Je stapt als het ware van de diepste duisternis in de zon.
Zoals een vlinder, zich ontvormt uit zijn cocon.
Het is als een hartgrondig diepe zucht.
Vrijheid is een grote vogel zwevend hoog in de lucht.
Die blijdschap na angst, spanning is werkelijk onvoorstelbaar.
Want vrede en vrijheid zijn echt onbetaalbaar.
Omdat die vrijheid, toen zo duur is betaald.
Mag om het behouden van die vrede, nooit worden gefaald.

OLDEMARKT - Bovenstaande indrukwekkende gedicht over de bevrijding is geschreven door Jantje Brouwer-Middelhof (94) uit Oldemarkt. Haar zoon Bert Brouwer mailde het naar de redactie met de vraag of wij het willen plaatsen. Dat doen we graag, zeker nu het tachtig jaar geleden is dat Nederland bevrijd is. De inwoonster van De Landerijen vertelt bovendien hoe zij de oorlog en de bevrijding heeft beleefd.

Ook over de Tweede Wereldoorlog heeft Jantje een gedicht geschreven (zie onderaan dit bericht). Aandachtig leest ze het voor in haar gemakkelijke stoel voor het raam. Het gedicht begint met de mobilisatie. “Dat betekende dat alle weerbare mannen moesten leren, wat het verschil was tussen hooivorken en geweren,” leest Jantje voor. Verderop vertelt ze dat ze als negenjarig meisje gezien heeft hoe de klokken uit de toren van Oldemarkt werden gehesen. “Die werden omgesmolten voor kogels en geweren,” leest ze voor. Het gebrek aan alles komt ook aan bod in haar gedicht. “Het was bittere armoede. We liepen op schoenen met houten zolen en reden op fietsen met autobanden.” Te eten hebben de mensen in Oldemarkt nog wel. Jantjes vader is bakker en kan brood ruilen voor spek. Velen hebben tuintjes.

Inwonertal verdubbelt 

Dat Oldemarkt qua inwonertal tijdens de oorlog verdubbelt, vertelt Jantje ook in het gedicht. Haar ouders nemen evacuees, Joden en onderduikers op. “We hadden thuis vaak vreemde mensen op de kost. Moeder deed wat water bij de jus, dan was het opgelost.” Gelukkig is er niet veel oorlogsgeweld in Oldemarkt. Niemand komt om en iedereen, die is weggevoerd, keert na de oorlog terug. Jantje herinnert zich toch nog veel angstige momenten. Zoals het geluid van soldatenlaarzen bij razzia’s, het gebrom van vliegtuigen die ‘s nachts urenlang over Oldemarkt komen en de Duitsers die met grimmige koppen op hun motoren aan komen rijden.

Bevrijding 

De bevrijding vieren de bewoners in Oldemarkt aanvankelijk een week te vroeg. “Er kwam nog een groep Duitsers uit Kuinre,” herinnert Jantje zich. Als Oldemarkt dan echt vrij is, maakt zij dat als 14-jarige mee. Volgens haar is het niet te beschrijven hoe groot dan de blijdschap is. “Het was elke avond feest op straat in Oldemarkt en er werd gesjanst met de Canadezen, maar daar was ik nog niet oud genoeg voor.” Wel is ze op een dag in De Blesse, waar ze van de Canadese bevrijders een reep chocolade krijgt. Ook Bijltjesdag staat haar nog goed bij. “Alle lui die met de vijand hadden geheuld, werden op open wagens door het dorp gezeuld,” schrijft Jantje. Ze herinnert zich nog goed de haat in de ogen van de bewoners, die langs de weg stonden.

Mijmeringen

Na de bevrijding pakken de inwoners van Oldemarkt het dagelijkse leven weer op. Jantje weet nog dat ze een keer naar Gouda gaat om de evacuees te bezoeken. Later trouwt ze en krijgt ze twee zonen: Bert en Jan. Veel tijd om nog na te denken over de oorlog heeft ze niet. Samen met haar man runt ze een kruidenier, eethuis en supermarkt. Na haar 60e krijgt ze wat meer tijd. “Ik ben toen begonnen met gedichten en verhalen schrijven en ik gaf ook voordrachten.” Trots laat zoon Bert een boek zien waarin al die poëzie en proza is gebundeld. ‘Mijmeringen over grote en kleine dingen’ heet het boek. In de film ‘Vrijheid’ uit 2020 vertelt ze samen met drie andere Oldemarkters over de oorlog die zij als kind hebben meegemaakt. En op 5 mei aanstaande bezoekt Jantje de Bevrijdingsochtend in De Landerijen. De oorlogs- en bevrijdingsverhalen mogen wat haar betreft niet vergeten worden. Ze blijft ze, zoals ze dat nog kan, vertellen!

Gedicht 1940 - 1945

De voorjaarsmaanden 1940 was het mobilisatie
Wat het woord inhield, daarvan had ik geen notie
‘T betekende dat alle weerbare mannen moesten leren
Wat het verschil was tussen hooivorken en geweren.
Ook zag ik op een morgen t’ Marktplein vol met paarden staan.

Daarmee probeerde onze regering de vijand te verslaan.
Ons land was voor een oorlog beslist niet uitgerust.
Tegenover een modern leger op overwinning belust.
Na een paar dagen was de strijd voorbij.
Ons landje was bezet, we waren niet meer vrij.

De eerste dagen was het een chaos overval.
Duitse stoottropen kwamen in een groot getal.
Grimmige kerels namen bezit van ons land.
Koningin en regering vluchten naar de overkant.

Toen begon de ellende met steeds grotere eisen.
Ik zie ze nog de klokken uit de toren hijsen.
Die werden omgesmolten voor kogels en geweren.
Om ons onderworpenheid en angst te leren.

Volwassenen moesten op de foto voor een ausweis-papier.
Zo hield die Duitser iedereen goed in t’ vizier.
Er kwamen zo zachtjes aan, aan alles gebrek.
Ons landje werd leeggeroofd door die Duitse gek.

Het geronk van bommenwerpers naar Duitsland.
’s Avonds heen, in de nacht terug naar Engeland.
Er werd ook geregeld een naar beneden geschoten.
’T Liep vaak slecht af voor de jonge piloten.

’s Avonds na achten binnenblijven, iedereen.
En verduisteren, zodat er geen glimpje licht scheen.
Ook was er hier op een morgen een overval op ’t gemeentehuis.
De ondergrondsen haalden de bonkaarten uit de kluis.
Tevens was het bevolkingsregister het doel.
Hiermee saboteerden ze behoorlijk de boel.

De radio’s werden in ’t begin ons al afgenomen.
Want we mochten zo min mogelijk te weten komen.
Van verraad, oorlogstuig, gevangenenkampen en aanslagen.
En dan de heulers met de vijand, een van de grootste plagen.
’s Nachts kwam dat landwachtersgespuis, vaak los.
Menig onderduiker of burger was dan de klos.

Onze dorpsbevolking had inmiddels een verdubbeling ondergaan.
Onderduikers, evacuees, eten-halers overal vandaan.
In de steden was ondertussen de nood bitter groot.
Ze ruilden letterlijk alles voor wat eten en brood.
Hier viel het nog mee met boerderijen in de buurt.
En ieder had wel een stukje grond voor een tuintje gehuurd.

We hadden thuis vaak vreemde mensen op de kost.
Moeder deed wat water bij de jus, dan was het opgelost.
In september 44 werden we even heel blij gemaakt.
De strijd zou nu spoedig worden gestaakt.
Bevoorrading en strenge winter gooide de hoop in ’t water.
Dat was werkelijk een rampzalige kater.

Nou in het Westen van het land hebben ze dat geweten.
Alle huisdieren en bloembollen waren al opgegeten.
Er was geen brandstof, elektriciteit en geen water.
Dit is onvoorstelbaar, 80 jaar later.

Veel oorlogsgeweld is in ons dorp niet gebeurd.
Ook werden er geen inwoners als slachtoffers betreurd.
We hadden wel een NSB burgemeester met zijn vazallen.
Onder hun leiding waren er wel razzia’s en overvallen.
Ook zijn er wel mensen opgepakt en meegenomen.
Maar die zijn allemaal gelukkig goed teruggekomen.

Stukken Nederland waren al eerder bevrijd.
Maar op 5 mei was het voor het hele land een feit.
Na 5 jaar van angst en spanning waren we vrij.
Mensen, mensen wat waren we blij.
Wekenlang feesten, hossen, zingen en dansen.
En met de Canadese bevrijders dansen.

Ook bijltjesdag staat mij nog heel goed bij.
De haat die toen los kwam maakte niet blij.
Alle lui die met de vijand hadden geheuld.
Werden op open wagens door het dorp gezeuld.
Bespot, bespuugd, vervloekt en te kijk gezet.
Omdat ze op de verkeerde partij hadden gewed.

Toen pas kwam goed aan het licht.
Wat deze oorlog voor vreselijks had aangericht.
Onze vrijheid was zeer duur gekocht.
Dat besef kwam toen Margraten en Loenen was bezocht.
Mannen die hun leven voor onze vrijheid gaven.
Ver van huis, hier in Hollandse grond begraven.
Toen hoorden we ook wat in Westerbork en veel verder was gebeurd.
Onvoorstelbaar verdrietig en diep, diep betreurt.
Nooit meer oorlog werd door iedereen gezegd.
Helaas zijn sindsdien nog nergens de wapens neergelegd. 


Foto: Angelien Kemerink



Afbeelding
Afbeelding
Afbeelding

Hilda Knol

Stuur jouw foto
Mail de redactie
Meld een correctie

Afbeelding
Van klaslokaal naar Kabouterpad: leerlingen Agnieten College Zwartsluis zien eigen werk terug in Ossenzijl Met vier foto’s 14 jun, 18:00
Afbeelding
Praktijkoefening Noodsteunpunten in Westerveld Westerveld 14 jun, 17:00
De Grote of Sint Clemenskerk in Steenwijk
Koffiedrinken met de ‘Dominee’: nu ook ’s middags! Steenwijk 14 jun, 16:00

Abonneer gratis

op de digitale krant en op
de wekelijkse nieuwsbrief.