
Kleine actieve damclub Steenwijk’36 tikt negentig lentes aan: ‘Geen idee of we ons eeuwfeest gaan halen’
· leestijd 1 minuut SportTUK - Een gezellig feestje donderdagavond bij café De Karre. In deze thuishaven vierden de leden en aanhang van damclub Steenwijk’36 het negentigjarig bestaan. Er stond voor de feestgangers een heerlijk buffet klaar. Ook werd er gezellig met elkaar gekletst en bingo gespeeld. Voorzitter Aart Robbertsen sprak zijn bezorgdheid uit over de toekomst van de stenenschuivers. “Want ik heb geen idee of we ons eeuwfeest wel gaan halen.”
Steenwijk’36 is een actieve, maar ook een zeer kleine club. De preses vertelde iets over het ontstaan van de damclub. “Op 12 februari 1936 kwamen vijf mannen samen in voormalig gebouw Irene. Meneer Vonkeman, destijds onderwijzer aan de gereformeerde school, deed een oproep voor de oprichting van een vereniging. En zo zag de damclub het levenslicht.” De contributie bedroeg in de beginjaren vijftien cent per lid per week. “Later toen de club een halve eeuw bestond was de contributie 1 gulden en 75 cent. Ook werd er een inleggeld van 50 cent betaald.”
‘Weinig leden’
Aart onderbouwde zijn zorgen met cijfers. “Zelf ben ik in 1967 bij de club gekomen. Ik ben ook een paar keer tussentijds gestopt, vanwege mijn werk voor defensie. In die tijd had de vereniging zo’n veertig leden. Dat aantal liep in de jaren daarna steeds verder terug. Toen we tachtig jaar bestonden hadden we nog negen leden, nu zijn dat er met dertien iets meer. Daar zitten ook drie dames bij en drie leden die wij, gezien de leeftijden van de anderen, rekenen tot onze jeugd. Dan praat je over twee twintigers en iemand van dertien jaar. Die komen allen uit de familie Klaseboer. Het ledental is dus erg laag.”
Gastheer NK Dammen
Robbertsen hanteert sinds 2014 de voorzittershamer. “Ik volgde in die functie de destijds overleden Dirk Glazenborg op.” Waar een kleine club groot in kan zijn. “Want ondanks ons geringe aantal leden waren we in 1996 en 2013 gastheer van het NK dammen. Wijlen Jan Bijl en Ton Weenink hebben daar ook veel werk voor verricht. Sponsorgelden binnenhalen was een hele klus. In 1996 ging het om zo’n 25.000 gulden. Het werd een groot succes, maar twee keer is ook genoeg hoor. Nee, dit gaan we niet voor een derde keer doen.”
‘Hoop op versterking’
Wedstrijdleider John Folkers hoopt nog altijd op versterking. “Want als we acht goede dammers erbij zouden hebben, kunnen we ook nationale competitie spelen. Dat zou prachtig zijn.” De club speelt nu elke donderdagavond onderlinge competitie bij De Karre en komt ook nog uit in de eerste klasse van de PFDB, wat staat voor Provinciale Friese Dam Bond.
Door Don van der Veen


































