
De grote bonte specht
· leestijd 1 minuut AlgemeenDeze wekelijkse natuurcolumn wordt verzorgd door Philip Friskorn uit Oldemarkt. Sinds 1993 is hij fotograaf van natuur, milieu, recreatie en toerisme. Hij is altijd op zoek naar drie elementen: licht, schoonheid en emotie. De afgelopen jaren bracht hij meerdere fotoboeken uit. Naast het maken van natuurfoto’s, kan hij daar ook mooi over vertellen. Deze column gaat over de grote bonte specht.
Met zwart, wit en rode kleuren is de grote bonte specht het wijdst verspreid. Spechten komen voor in heel Europa, van Zuid-Spanje tot Noord-Noorwegen en verder richting Noord-Rusland. Over dit grote gebied zijn wel een aantal ondersoorten te onderscheiden, maar dat is voor specialisten. De grote bonte specht leeft in bossen en parken en is veelal te gast in onze tuinen, vooral in de winterperiode als er gevoerd wordt met vetballen en noten. Het hoofdvoedsel bestaat uit insecten en larven, maar als standvogel staan ook zaden op het menu. Dennenappels worden op vakkundige wijze leeggehaald. Je gelooft het misschien niet maar ook eieren en jongen van andere vogels staan op het menu. Larven vinden ze veelal in dode bomen die tegenwoordig in het bos blijven liggen.
Nest
Dood en zacht hout heeft ook de voorkeur om een nestholte uit te hakken, zowel mannetje als vrouwtje hakken samen jaarlijks een nieuwe nestholte uit. Een legsel per jaar wordt op het hout van de uitgehakte nestholte gelegd en ze roffelen op stammen om hun territorium af te bakenen. Ook roffelen ze op metalen masten en regenpijpen. De golvende vlucht is een kenmerk voor de meeste spechten. Mannetje en vrouwtje zijn qua uiterlijk vrijwel gelijk, alleen heeft het mannetje een rode vlek in de nek.
Drie benen
De meeste spechtensoorten hebben twee tenen voor en twee tenen achter, ideaal om te klimmen. De staart fungeert bij het klimmen als een ‘derde been’, een steun bij het klimmen. Bij de grote bonte specht is dat niet anders. Ook in de Kop van Overijssel is de grote bonte specht talrijk aanwezig, zowel in Nationaal Park Weerribben-Wieden als op de Woldberg.
































