
Nieuwe aflevering natuurcolumn van Philip Friskorn: De bruine winterjuffer
· leestijd 1 minuut ColumnDeze natuurcolumn wordt verzorgd door Philip Friskorn. Dit keer verschijnt de bruine winterjuffer voor zijn camera.
De wereld van libellen en juffers is groot. In De Kop van Overijssel mogen we ons verheugen op de aanwezigheid van meer dan vijftig soorten libellen en juffers van de ruim zeventig die in Nederland rondvliegen. De meeste soorten vliegen van april tot ver in november, een en ander afhankelijk van de temperatuur.
Het jaar rond
Er zijn twee soorten die we het jaar rond kunnen waarnemen, met name in het Woldlakebos. Dat zijn winterjuffers die zich niets aantrekken van sneeuw of vorst. Ze hebben een stofje in hun lichaam wat je zou kunnen vergelijken met anti-vries. Ze overwinteren dus als imago, wat alle andere juffers en libellen niet doen. Het zijn alleen deze juffers in de jufferfamilie die ouder kunnen worden dan één jaar. Kenmerkend voor juffers is dat ze hun vleugels langs hun lijf vouwen. Als ze dan op een tak zitten zijn ze nauwelijks te zien, dit komt mede door het geringe formaat van minder dan vier centimeter.
Noordse winterjuffer
In mijn serie columns in Nieuwsbode De Kop heb ik de noordse winterjuffer als eens besproken. De noordse winterjuffer is zeldzamer dan de bruine, die op meer plaatsen voorkomt. Zoals de naam zegt is de bruine winterjuffer bruin met donkere vlekken bovenop het lijf. Hoewel de noordse en de bruine heel erg op elkaar lijken, zit er een groot verschil in de tekening op het borst- en rugstuk. De soort komt in vrijwel geheel Europa voor, maar ontbreekt in Scandinavië en voor Nederland in de duinen. De paartijd is in april-mei, de beste tijd om ze te vinden. In de rest van het jaar is het goed zoeken om ze te zien. Dode plantenresten zijn de ideale plek om de eitjes af te zetten. Na het uitsluipen zijn winterjuffers niet langer gebonden aan water.
Het is uniek dat we in Nederland twee soorten winterjuffers kunnen vinden. Wereldwijd komen er slechts drie soorten winterjuffers voor, de twee in Nederland en in Centraal-Azië de derde. Dat is de Turkestaanse winterjuffer. Dit was weer zo’n uniek dier dat onze omgeving te vinden is.






























